De Stadskoerier

Zaterdag, 8 augustus 2020

Al het nieuws uit Genemuiden, Hasselt en Zwartsluis

Oudenampsen neemt afscheid van Anker: 'De school was deel van mezelf geworden'

Oudenampsen neemt afscheid van Anker: 'De school was deel van mezelf geworden'
Foto: Bianca van den Berg
Redactie: Bas Wilberink
(door Bas Wilberink)

HASSELT - Na 21 jaar neemt locatieleider Jaap Oudenampsen afscheid van CBS Het Anker in Hasselt. Na de zomervakantie gaat hij één dag in de week als docent aan de slag bij een basisschool in Nieuwleusen. Maar wat de 55-jarige Hasselter daarnaast gaat doen, weet hij nog niet. “Ik wil een jaar resetten”, legt hij uit. “Even loskomen van alles wat vertrouwd is en van de onderwijswereld. Ik sta straks nog wel één dag voor de klas, maar daarnaast wil ik vier dagen freewheelen buiten het onderwijs.”

In 1999 kwam Oudenampsen als leerkracht en adjunct-directeur in dienst van Het Anker. Vier dagen stond hij voor de klas, de overige uren gingen naar het directiewerk. In 2012 nam hij het directeursstokje over en minderde het aantal uren voor de klas. De afgelopen twee jaar gaf hij alleen nog les als invaller, bijvoorbeeld bij ziekte van collega’s. “Het voor de klas staan gaf me altijd veel energie”, vertelt hij. “Het is ook één van de redenen geweest dat ik nu afscheid neem.”

Oudenampsen is niet iemand die lang stil kan zitten. “Ik weet nog dat ik directeur werd. Iedereen ging ’s ochtends de klas in, ik ging naar mijn kamer. Het voelde bijna als straf, haha. Zij de gezelligheid in de klas, de energie en interactie met leerlingen. Ik in mijn kamer en vergaderingen voorzitten. Mijn wereld werd me te klein. Ik moet in contact blijven met mensen.”

‘Duizendpoot’ Oudenampsen waagt nu een sprong in het diepe. Want wat hij precies na de zomervakantie gaat doen, is nog grotendeels onbekend. “Ik heb mij ingeschreven bij een uitzendbureau”, legt hij uit. “Ik pak alles aan wat op mijn pad komt. Misschien ga ik wel koeien melken of op de trekker klusjes doen. Het geeft me energie om met de handen bezig te zijn.”

Ideaalplaatje

Na een jaar kijkt Oudenampsen wat hij dan gaat doen. “De kans is redelijk groot dat ik weer in het onderwijs aan de slag ga. Mijn ideaalplaatje zou zijn: twee of drie dagen in het onderwijs en een compleet andere baan ernaast. Een mix tussen werken met je handen en hoofd.”

Donderdag staat het afscheidsfeest gepland van Oudenampsen. Dat wordt door het coronavirus kleinschaliger dan hij had gehoopt. Hij verlaat Het Anker op een moment dat de school een woelige periode achter de rug heeft. “Ik was op zoek naar een uitdaging, nou die werd me de afgelopen tijd wel gegeven”, zegt hij. “Dit hebben we nog nooit meegemaakt. Het was heel unheimisch om de school zo leeg te zien, dat wil je niet.”

Contact

Aan de andere kant heeft deze lastige situatie ook veel gebracht, vindt Oudenampsen. “Het contact met de ouders en kinderen was heel hecht. Ook onderwijs geven aan halve groepen was bijzonder. Het gaf een bepaalde rust. Hoe kleiner de groep hoe meer individuele aandacht je aan leerlingen kunt geven. Het gaf ook een herwaardering van ons vak. Ouders, die thuis lesgaven, zagen hoeveel lesstof er eigenlijk voorbij komt. Hoe leg ik dat allemaal uit aan mijn kind en hou je hem of haar geconcentreerd?”

Oudenampsen gaat Het Anker, dat sinds de milleniumwissel een enorme groei doormaakte, missen. “Mijn wortels zitten hier zo diep. Ik was ook wel het gezicht naar buiten toe. En het gebouw ken ik net zo goed als mijn eigen huis. Maar ook de kinderen, ouders en de hele gemeenschap rond een school ga ik missen. Het Anker was een deel van mezelf geworden. Het is lastig om dat los te laten.”

Team

Ook is hij vol lof over het team. “Het is het team dat het maakt. Het is een hechte eenheid, die nooit gedoe had. Ik ben ook het meest trots op de samenwerking op Het Anker. Zonder samenwerking kom je geen stap vooruit. Ook ouders hadden een heel actieve rol in de school. Dat is zo enorm kenmerkend voor Het Anker. Er is een Afrikaans gezegde dat mooi bij Het Anker past: ‘Wil je snel gaan, ga dan alleen. Wil je ver komen, ga dan samen’.”